Koop je tickets

Nieuwe bewoners: brilberen

Vanaf vandaag klimmen de bezoekers samen met de brilberen in DierenPark Amersfoort.

De broertjes Teju en Ariba (beiden drie jaar), afkomstig uit het Duitse Zoo Duisburg, zijn de enige brilberen die in Nederland te zien zijn. Erg wennen hoeven de nieuwste bewoners van het park niet: nieuwsgierig onderzoeken de dieren elk hoekje van het verblijf. Er wordt al flink geklommen in de hoge boomstammen. Voor oud-dierenparkmanager Marjo Hoedemaker betekent de komst van de brilbeerbroertjes na ruim zestig jaar nieuwe buren. “Ik woon pal naast het berenverblijf en kan door mijn slaapkamerraam regelmatig zwaaien naar een brilbeer die luiert in een boomtop.”

Marjo was jarenlang werkzaam voor het dierenpark. Na zijn pensioen bleef hij aan als adviseur en in het park wonen. “Decennia had ik aan de bruine beren goede buren. Toen begin dit jaar de laatste beer, Kokkie, overleed, voelde het toch eenzaam; zo’n leegstaand verblijf naast mijn huis. Die kille stilte is nu voorbij met deze belhamels. En daar ben ik maar wat blij mee”, vertelt Marjo. De berenrots naast het huis van de dierenparksenior is vernieuwd en staat nu volledig in het teken van het oorspronkelijk leefgebied van de brilberen: de bossen van het Zuid-Amerikaanse Andesgebergte. Daar gaat het niet goed gaat met deze berensoort.

“Hun oorspronkelijk leefgebied wordt bedreigd door bomenkap die plaatsvindt voor bijvoorbeeld houtproductie en landbouw. Rampzalig voor de brilbeer die voor een groot deel in de bomen leeft. Zo haalt de beer er zijn voedsel vandaan en slaapt het dier in een zelfgemaakt nest”, legt Marjo uit. Het DierenPark Amersfoort Wildlife Fund zet zich in voor het beschermde natuurgebied Chaparri in Peru. Hier is ruimte voor de brilberen en kunnen zij veilig leven. Bij het verblijf in DierenPark Amersfoort vertellen wij alles over de brilbeer als klimkampioen, maar ook over de grote waarde van bomen. Via een touwbrug sta je oog in oog met de brilbeerbroers, mijn nieuwe buren. Ik ben in mijn nopjes met mijn nieuwe buurtjes, want liever een goede beer, dan een verre vriend.”