Koop je tickets

Ieder een eigen jas

Iedere diersoort heeft een eigen, unieke ‘jas’. Een pinguïn draagt een verenkleed, leeuwen hebben een blonde vacht en vissen glibberige schubben. Maar waarom zit hier zoveel verschil in? En wat zijn nu juist overeenkomsten tussen de verschillende soorten huiden? In deze blog krijg je het antwoord op deze vragen.

Richard van Sluis - DierenPark Amersfoort

Richard van Sluis is senior dierverzorger. Hij verzorgt al meer dan tien jaar de dieren in DierenPark Amersfoort. In deze blog vertelt de dierenkenner je van alles over de functies, voor- en nadelen van het hebben van veren, haren of schubben.

Mooi verenpak

Vogels dragen veren. En wel in alle verschillende kleuren! Kijk maar eens naar de blauwe veren van een pauw of naar felgekleurde parkieten. Vogels zijn er in alle kleuren van de regenboog!

Vogels dragen dat verenpakket niet zomaar. Er zijn verschillende soorten veren. Donsveren zijn zacht en pluizig, zij houden de vogel warm. Dekveren bedekken de donsveren en daarmee het hele lichaam. Deze veren vormen bovendien een soort  ‘jas’ die de vogel droog houdt. Deze veren bepalen ook de kleur van het vliegende dier. Door slagpennen kunnen vogels vliegen. Dit zijn grotere veren die stevig genoeg zijn om de kracht van de wind op te vangen. Tot slot heeft een vogel staartpennen. Hiermee stuurt en remt het dier.

Monniksparkiet
De dekveren van vogels bedekken de donsveren en daarmee het hele lichaam.

Het is belangrijk om goed voor het verenkleed te zorgen. Boven de staart hebben alle vogels een stuitklier. De vogel lepelt dagelijks met de snavel een vetachtig goedje eruit die de gevederde vriend vervolgens lekker over de veren uitsmeert. Met hun snavel houden vogels de veren op hun plek. Zij vinden het ook heel lekker om te badderen. Dan spoelen de vogels alle viezigheid weg.

Merel
Vogels vinden het ook heel lekker om te badderen. Zo spoelen ze alle viezigheid weg.

Pinguïns

Veren slijten. Daarom is een vogel elk jaar in de rui. Alle veren worden vervangen door een nieuw, vers verenkleed. Deze rui verloopt meestal geleidelijk. Maar bij sommige watervogels, zoals pinguïns, gebeurt dit in één keer. Een pinguïn kan op dat moment even niet zwemmen, omdat deze waggelende vogel het dan te koud krijgt.

Pinguïns kunnen niet vliegen, omdat zij geen slagpennen hebben.

Pinguïns hebben andere veren dan de vogels in jouw achtertuin. Deze poolvogels kunnen namelijk niet vliegen, omdat zij geen slagpennen hebben. De dekveren van de pinguïn zien er iets anders uit dan die van de Nederlandse tuinvogels. Zij beschikken over heel kleine veertjes die zo dicht op elkaar staan, dat hun verendek geen water doorlaat. Hun ‘jas’ is dus waterdicht, maar niet alle vogels hebben dat geluk. Aalscholvers zitten vaak langs de waterkant met gespreide vleugels. Zo drogen zij hun verenkleed. Met natte veren, is vliegen moeizaam.

Warme vacht

De meeste zoogdieren hebben geen veren, maar een harige vacht. Een vacht biedt bescherming tegen de brandende zon en houdt het dier lekker warm. Wij dragen ook kleren om warm te blijven. Vooral in de winter hebben wij een warme trui of dikke winterjas nodig om ons te beschermen tegen de kou. Sommige dieren, waaronder kamelen, krijgen in de winter een wintervacht. Dat is hun winterjas. Deze vacht bestaat uit dons en wol. In het voorjaar valt deze jas langzaam uit en komt er een nieuwe, dunnere vacht tevoorschijn; de zomervacht.

Kameel
De wintervacht van kamelen bestaat uit dons en wol.

Koning van het dierenrijk

Lang niet alle dieren krijgen een wintervacht. Leeuwen bijvoorbeeld niet. Dat komt omdat de temperaturen in Afrika, waar de leeuw in het wild leeft, het hele jaar door hetzelfde is: warm. De koning van alle dieren draagt wel iets anders opmerkelijks. Een mannetjesleeuw heeft ‘manen’: een grote, volle bos haar. Deze haren beschermen de nek van het roofdier. Wanneer twee leeuwen vechten, functioneert de maan als een kussen dat de klappen opvangt. Ook imponeren zij de vrouwtjes met deze volle bos haar.

Leeuw
Een mannetjesleeuw heeft ‘manen’: een grote, volle bos haar.

Dikke, maar gevoelige huid

Heeft een olifant haar? Ja! Een olifant lijkt kaal, maar als je goed kijkt, zie je de haren zitten. In de brandende zon is de olifantshuid heel gevoelig. Door zand te strooien en in de modder te badderen, beschermen zij hun huid. Een soort zonnebrand voor dikhuiden dus.

Een dikke vacht zou voor een olifant te warm zijn. De dikhuiden kunnen namelijk niet zweten, behalve bij hun nagelriemen. Om toch af te koelen, hebben deze dieren iets bedacht: flapperen met hun oren. Zo creëren zij hun eigen waaier. Slim! 

Yindi
Door zand te strooien en in de modder te badderen, beschermen olifanten hun huid.

Glanzende schubben

Vissen en reptielen zijn bedekt met schubben; kleine ‘schelpjes’ die als dakpannen over elkaar liggen. Over deze plaatjes zit een slijmerig laagje. Dit laagje beschermt de vis tegen bacteriën en andere ziektemakers. En hierdoor is de huid van de vis glad. Handig om snel en behendig door het water te zwemmen.

Cichliden
Vissen en reptielen zijn bedekt met schubben; kleine ‘schelpjes’ die als dakpannen over elkaar liggen.

Als een slang groeit, groeien de schubben niet mee. De huid zit na een tijdje te strak en wordt dan dus te krap. Dan barst de slang letterlijk uit het vel. De vervelling begint en er volgt een nieuw jasje; een huid vol met fonkelnieuwe schubben.

San Fransisco Lintslang
Als een slang groeit, groeien de schubben niet mee.

Verstopt!

Tot slot is er één reptiel dat wel een heel bijzondere huidbedekking heeft: de schildpad! In DierenPark Amersfoort leven reuzenschildpadden. Deze trage reptielen dragen hun schild over hun rug en buik. Als zij hun kop en poten intrekken, zijn de dieren helemaal verstopt. Zij hebben dus altijd een veilige schuilplek als er roofdieren op de loer liggen. Dat is voor deze trage dieren een uitkomst, want zij kunnen zich niet ‘even snel’ ergens verstoppen.

Reuzenschildpad
Als reuzenschildpadden hun kop en poten intrekken, zijn de dieren helemaal verstopt.

Toch dezelfde jas?

Hoewel vogels, zoogdieren, vissen en reptielen allemaal een andere lichaamsbedekking hebben, hebben zij één ding gemeen: alle ‘jassen’ zijn gemaakt van keratine. Dit eiwit zorgt voor versteviging en komt voor in zowel veren, als in haren, schubben, schilden en nagels. Opvallend!

Savanne
Hoewel vogels, zoogdieren, vissen en reptielen allemaal een andere lichaamsbedekking hebben, hebben zij één ding gemeen: alle ‘jassen’ zijn gemaakt van keratine.